Als uw eigen tanden niet meer te behouden zijn, of als uw huidige prothese steeds losser gaat zitten, komt dezelfde vraag terug: kies ik voor een gewoon kunstgebit of voor een klikgebit op implantaten? Het is een keuze die u jaren met u meedraagt. Bij Mondzorg Brabant werken tandarts, tandprotheticus en ons eigen tandtechnisch laboratorium onder één dak, en wij zien dagelijks mensen met beide oplossingen. Hieronder leest u wat u van elk mag verwachten.
Het belangrijkste verschil: houvast
Een kunstgebit, ofwel volledige prothese, rust op uw kaak en tandvlees. In de bovenkaak zorgt het gehemelte voor zuiging, in de onderkaak is die zuiging er nauwelijks. Een goed aangemeten kunstgebit zit op zich prima, maar het blijft een los onderdeel dat bij kauwen, lachen of praten kan verschuiven. Dat merkt u vooral in de onderkaak, zeker als de kaak na jaren dragen kleiner is geworden.
Een klikgebit wordt met drukknoppen of een stegconstructie vastgeklikt op implantaten: titanium schroeven die in het kaakbot worden geplaatst en daar vastgroeien. In de onderkaak zijn meestal twee implantaten voldoende, in de bovenkaak zijn er doorgaans meer nodig. Het klikgebit blijft uitneembaar om schoon te maken, maar zit tijdens het dragen stevig vast.
Eten en spreken
Hier is de keuze het meest voelbaar. Met een los kunstgebit lukt een boterham of appel vaak alleen in kleine stukjes, en afbijten met de voortanden gaat moeizaam. Met een klikgebit kunt u in de meeste gevallen weer gewoon afbijten en kauwen, omdat de prothese niet kantelt. Ook spreken gaat makkelijker. Bij een klikgebit in de bovenkaak kan het gehemelte vaak vrij blijven, wat ruimer aanvoelt en de smaak beter doorlaat. Drukplekken komen bij een klikgebit duidelijk minder voor, al kunnen ze in de eerste weken nog ontstaan.
Wat gebeurt er met uw kaak?
Zodra tanden en kiezen ontbreken, wordt het kaakbot niet meer belast en slinkt het langzaam. Daarom gaat een kunstgebit na een aantal jaren losser zitten en moet het worden gerebased of vervangen. Implantaten belasten het bot wel en remmen dat verlies rondom de implantaten af. Dat maakt een klikgebit op langere termijn stabieler, al blijft controle nodig.
Aanmeten: digitale prothese zonder happen
Bij beide protheses leggen wij de vorm van uw kaak nauwkeurig vast. Vroeger gebeurde dat altijd met afdruklepels en afdrukmateriaal in de mond. Met onze 3D-mondscanner kan dat voor de meeste patiënten digitaal, zonder happen. Dat is prettiger als u snel kokhalst, en het laboratorium kan de prothese op basis van de scan heel precies maken. Bij een klikgebit worden de implantaten eerst in de praktijk geplaatst onder plaatselijke verdoving. Na een genezingsperiode van enkele maanden, waarin de implantaten vastgroeien, wordt de prothese erop afgestemd. Op onze pagina over implantaten leest u hoe die behandeling verloopt.
Onderhoud
Een kunstgebit haalt u uit de mond en poetst u met een protheseborstel; daarnaast poetst u tandvlees en gehemelte. Een klikgebit vraagt iets meer aandacht, omdat ook de drukknoppen of steg en het tandvlees rond de implantaten dagelijks schoon moeten. Blijft daar tandplak zitten, dan kan het tandvlees rond het implantaat ontsteken. De mondhygiënist leert u hoe u dat doet en controleert de implantaten regelmatig.
Welke keuze past bij u?
Een klikgebit is niet voor iedereen de eerste optie. Er moet voldoende kaakbot zijn, uw tandvlees moet gezond zijn en roken vergroot de kans dat een implantaat niet vastgroeit. Daar staat tegenover dat een los kunstgebit voor veel mensen prima werkt, zeker in de bovenkaak. Heeft u al een kunstgebit dat vooral onder niet meer blijft zitten, dan is een klikgebit in de onderkaak vaak de stap die het meeste verschil maakt. Beide protheses worden deels vergoed uit de basisverzekering; wat dat in uw situatie betekent, rekenen wij vooraf voor u uit.
Twijfelt u welke prothese bij u past? Maak een afspraak bij Mondzorg Brabant in Breda. Onze tandprotheticus en tandarts bekijken uw kaak, bespreken beide opties en laten zien wat de digitale prothese voor u kan betekenen.